banier
lijntje
lijntje
back
Herfst-rietboorder Rhizedra lutosa

De herfst-rietboorder behoort tot een groepje van witte tot lichtbruine, weinig getekende nachtvlinders, waarvan de vleugels meestal zwart bestoven zijn, of heel fijn zwart bespikkeld. De herfst-rietboorder is verreweg de grootste van het hele stel. Helaas is hij enorm variabel als het op de grootte aankomt en komen kleine exemplaren veel voor. En die zijn dan ongeveer even groot als andere soorten. Alle vlinders met een vleugellengte van 19mm of meer zijn herfst-rietboorders. Alleen bij vlinders met een vleugellengte van 16 tot 18mm is het oppassen geblazen. Meestal zijn de andere soorten meer getekend dan de herfst-rietboorder. Verwisseling is vooral mogelijk met de moeraszeggeboorder die echter altijd kleiner is en de egale rietboorder die niet zwart bestoven is. De spanwijdte van de herfst-rietboorder varieert enorm en loopt uiteen van 36 tot 52mm!

De eitjes worden gelegd in de nazomer en de herfst, maar overwinteren alvorens in het voorjaar uit te komen. Heel kleine rupsjes zouden van de verse uitlopers van de voedselplant eten om daarna in de stengel te gaan wonen. Daar vreten ze zich een weg naar beneden, om hun ontwikkeling in de wortelstok te voltooien. Door de uiterst verborgen levenswijze van de rups zijn nog niet alle details bekend. Aangetaste planten hebben zwaar te lijden. Het blad wordt eerst wit, later geel en sterft dan af. Ongeveer in juni graven de larven zich in de grond in, meestal tussen de wortels van de voedselplant om te verpoppen. Afhankelijk van de temperatuur duurt het verpoppen 4 tot 8 weken. Zoals de meeste larven die in planten leven, is ook de rups van de herfst-rietboorder een bleekachtig bruin geval met een bijna doorzichtige huid. Delen van het inwendige zijn door de huid heen zichtbaar. De spiracula zijn zwart en tamelijk groot. De rups bereikt een lengte van slechts 35 tot 44mm, maar is tamelijk dik. Als voedselplant wordt alleen riet vermeld.

De vliegtijd van de herfst-rietboorder begint al in de zomer: eind juli. Hij vliegt door tot in de herfst, waarbij eind oktober de laatste dieren worden gezien. Ze vliegen vroeg in de avondschemering en worden dan nog wel eens op smeer aangetroffen. Na de avondschemering wordt een tijdje niet gevlogen. Na middernacht vliegen de dieren opnieuw en worden dan vaak door verlichting aangetrokken. De mannetjes blijven meestal in de buurt van de voedselplant, vrouwtjes kunnen ver van riet verwijderd worden aangetroffen. Exemplaren die 's nachts zijn gevangen blijken overdag prima fotomodellen die zich uitstekend laten hanteren. De herfst-rietboorder leeft in de wortelstokken van riet, maar deze mogen niet onder water staan. De soort wordt dan ook vooral gevonden in drogere rietkragen en hogere wallekanten. Komt in Nederland vooral voor in het westen en in Friesland en is elders een lokale soort. In BelgiŽ vooral een Vlaamse soort, elders lokaal of zeldzaam.